URM
Alle pensioenverzekeraars in Nederland hebben afgesproken om op dezelfde manier het voorbeeldkapitaal van een pensioenverzekering te communiceren. Zo kunt u op een eenvoudige manier de prognosebedragen met elkaar vergelijken, en weet u ook op welke wijze het berekend is. Dit noemen we de Uniforme Reken Methodiek (URM).

Omdat de pensioenverzekering een verzekering is op basis van beleggingen is, is de uitkomst niet zeker. De beleggingen kunnen tegenvallen (als het slechter gaat dan verwacht), het kan gaan zoals we verwachten en het kan beter gaan dan we verwachten. Om een nauwkeurige voorspelling te kunnen doen rekenen wij voor elk van de 3 genoemde scenario’s (slecht, verwacht en beter) 2000 economische scenario’s door. De scenario’s zijn vastgesteld door DNB, en zijn voor elke pensioenuitvoerder hetzelfde. Meer informatie over de scenario's vind u hier https://www.toezicht.dnb.nl/2/50-233246.jsp

Met behulp van de 2000 economische scenario’s proberen we de resultaten van het beleggingspensioen zo goed mogelijk te benadren. Alle pensioenuitvoerders gebruiken namelijk de 5% slechtste uitkomsten, de middelste uitkomst en de 5% beste uitkomsten. 

Tot aan de invoering van de URM in 2019 rekenden we met een onafhankelijke scenarioset van een externe partij. Deze scenarioset moesten we vervangen door de voorgeschreven set. Dit betekent dat in de nieuwe situatie de beleggingen gewaardeerd worden in minder asset classes (beleggingscategorieen)  en beleggingen in aandelen worden in de URM methode hoger gewaardeerd. Omdat we bij Allianz veilig beleggen, en daarmee minder in aandelen, kan het voorkomen dat het prognosepensioen lager uitvalt dan voorheen.

Dit betekent niet dat het pensioen minder waard geworden is, of dat we verwachten dat het pensioen minder waard wordt dan voorheen. Alleen de berekeningsmethode is aangepast. Uniform gemaakt.

De DNB geeft elk kwartaal een update van de scenario set. Wij gebruiken deze set voor minimaal een jaar. Per 1 januari 2021 heeft DNB de scenario set weer aangepast. Met de nieuwe scenario set houdt DNB rekening met de huidige marktomstandigheden. Zo sluiten de verwachting over het pensioenkapitaal (rendementen op de beleggingen) en de pensioenen (toekomstige renteverwachting) beter aan bij de realiteit. Wat is er aangepast?
De gebruikte renteontwikkeling voor de lange termijnverwachting in de nieuwe scenario set is nu 0,1%. Dit was vorig jaar nog 2,3%. De lange rente is nu 1,6%, terwijl deze vorig jaar nog 3,9% bedroeg. De lagere rente in de scenario set zorgt ervoor dat obligaties slechter renderen voor het pensioenkapitaal. Ook zijn de aan te kopen pensioenen lager, omdat het veronderstelde aankooptarief lager is.
De prijsinflatie (die we gebruiken om het reële pensioen te berekenen) is naar boven bijgesteld. DNB houdt in zijn scenario set dus rekening met een hogere inflatie. Omdat we de pensioenprognoses laten zien op basis van een reële verwachting (niet wat het bedrag is, maar wat je er mee kan kopen op pensioendatum) betekent een hogere inflatiecorrectie, een lagere reële pensioenprognose.
De hogere aandelenrendementen zorgen altijd voor een hoger pensioenkapitaal.

Het totaal effect van de aanpassingen op de getoonde prognoses die gebruik maken van de nieuwe set is een bijstelling van het verwachte pensioen naar beneden.

De lagere rente heeft een negatief effect op de aan te kopen pensioenen. Dus: Het prognosepensioen wordt lager. Ook het reële pensioen wordt lager door de aanpassing van de inflatie. 

Scroll horizontaal om meer te zien

Afgerond negatief effect (maatmens) van de nieuwe scenario set

Cohort

Passieve deelnemer

Actieve deelnemer

 25

0,85

0,85

 35

0,86

0,80

 45

0,91

0,84

 55

0,96

0,89

65

0,99

0,95


Tabel 1: effect op portefeuille Allianz voor premievrije deelnemers en actieve deelnemers

De voorbeeldtabel is gebaseerd op de portefeuille van het op dit moment in de markt staande pensioen product (43.000+ deelnemers) en houdt geen rekening met de mogelijke delta, die het werkelijke beleggingsresultaat over Q4 vs. het geprognosticeerde beleggingsresultaat Q4 heeft veroorzaakt.

Het effect op actieve deelnemers is groter dan voor passieve deelnemers. Dit wordt veroorzaakt doordat actieve deelnemers nog geld inleggen, terwijl bij passieve deelnemers de pot al “vaststaat” op het beleggingsrendement na.

Neem contact met ons op. 
Vraag advies bij een onafhankelijk adviseur bij u in de buurt.