Hoe kan ik AOV’s vergelijken?

Er zijn verschillende soorten AOV’s. Hoe kiest u daaruit de AOV die het beste past bij uw wensen en situatie? Waar moet u op letten als u AOV’s wilt vergelijken? Natuurlijk speelt de premie een rol. Maar er zijn meer factoren belangrijk. We zetten een aantal belangrijke punten op een rij voor een goede vergelijking van AOV’s.

1. Waarvoor bent u verzekerd?

U kunt arbeidsongeschikt worden door ziekte, maar ook door een ongeval. U kunt zich verzekeren voor beide vormen van arbeidsongeschiktheid. Maar u kunt er ook voor kiezen om alleen een verzekering voor arbeidsongeschiktheid door een ongeval af te sluiten. Bij ziekte krijgt u dan geen uitkering. U kunt verschillende AOV’s vergelijken die variëren van aard. U moet bepalen of u risico wilt nemen. Hoe meer risico u neemt, hoe lager de premie.

2. Sommenverzekering of schadeverzekering?

AOV’s zijn er in twee soorten: als sommenverzekering en als schadeverzekering. Bij een schadeverzekering krijgt u een uitkering als uw inkomen door arbeidsongeschiktheid gedaald is. Bij een sommenverzekering krijgt u een uitkering als u arbeidsongeschikt bent geraakt. Uw inkomen hoeft dan niet gedaald te zijn. Met deze opties als uitgangspunt kunt u ook AOV’s vergelijken.

3. Verzekerd bedrag

Het verzekerd bedrag is het bedrag dat u als uitkering krijgt als u arbeidsongeschikt raakt. Bij Allianz heeft u bijvoorbeeld de mogelijkheid om 80% van uw inkomen te verzekeren tot een bepaald maximum. Hierbij kunt u kiezen uit een maximum van € 100.000,- of € 120.000,-.

4. Beoordeling arbeidsongeschiktheid

Als u arbeidsongeschikt raakt, moet worden beoordeeld in welke mate u arbeidsongeschikt raakt. Daar zijn verschillende criteria voor:

  • Beroepsarbeidsongeschiktheid: kunt u uw eigen beroep nog uitvoeren?
  • Passende arbeid: kunt u passend werk uitvoeren? Dus niet alleen uw eigen beroep, maar ook werk dat bij uw opleiding en ervaring past? Dit kan betekenen dat u bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid een andere functie buiten uw onderneming moet accepteren.

5. Wachttijd of eigen-risicotermijn

Uw eerste uitkering krijgt u na een aantal dagen. U kunt zelf bepalen na hoeveel dagen u uw eerste uitkering wilt ontvangen. Bijvoorbeeld al na 30 dagen of pas na 180 dagen. Dit noemen we de wachttijd of eigen-risicotermijn. Meestal geldt: hoe langer de wachttijd, hoe lager de premie.

6. Arbeidsongeschiktheids­percentage

Uw uitkering begint bij een bepaald percentage arbeidsongeschiktheid. U kunt er bijvoorbeeld voor kiezen een uitkering te ontvangen als u minimaal 25% arbeidsongeschikt bent, maar bijvoorbeeld ook als u minimaal 65% arbeidsongeschikt bent. Dit percentage waarbij uw uitkering begint, kunt u zelf bepalen. De keuzemogelijkheden verschillen per verzekering en vormen daarom een goed uitgangspunt om AOV’s te vergelijken.

7. Eindleeftijd

De eindleeftijd is de leeftijd waarop u geen uitkering meer krijgt. Bijvoorbeeld 55, 60 of 67 jaar. 

8. Vaste of variabele premie

Moet elk jaar een vaste premie worden betaald? Of is het ook mogelijk om in het begin een lage premie te betalen, die elk jaar iets stijgt. Dat laatste is mogelijk als u jonger bent dan 45 jaar. Dit kan handig zijn als u net begonnen bent als ondernemer en niet te veel geld kwijt wilt zijn aan de premie. 

9. Jaarlijkse stijging verzekerd bedrag en uitkering mogelijk?

De prijzen voor boodschappen en andere dagelijkse kosten stijgen elk jaar. Het is daarom handig als u uw uitkering ook elk jaar kunt laten stijgen, bijvoorbeeld met 2%. Deze optie is wel wat duurder dan wanneer uw verzekering niet stijgt. Houd daar rekening mee bij het vergelijken van AOV’s.