Zonnepanelen op je bedrijfspand? Bezint voordat je begint!

18-06-2020
Leestijd: 2 min

Overweeg jij – net als veel andere ondernemers – om zonnepanelen op je bedrijfspand te plaatsen? Bijvoorbeeld omdat je duurzaam wilt ondernemen? Of omdat je wilt besparen op je energiekosten? Bedenk dan dat er risico’s kunnen zitten aan zonnepanelen op je bedrijfsdak. En dat kan gevolgen hebben voor de verzekering van je pand. Daarom is de eerste stap op weg naar zonne-energie een gang naar je financieel adviseur. 

Zonnepanelen kunnen brand en dakschade veroorzaken. Er is dus een verhoogd risico. Dat kan betekenen dat je verzekeraar extra voorwaarden stelt of de premie verhoogt. In elk geval moet je – via je financieel adviseur – overleggen met je verzekeraar voordat je zonnepanelen gaat plaatsen. Want misschien eist de verzekeraar bepaalde voorzorgsmaatregelen, zoals onbrandbare dakisolatie, specifieke constructieberekeningen of uitvoering door bepaalde installateurs. Simpele, maar noodzakelijke maatregelen die extra zekerheid bieden en ervoor zorgen dat je bedrijfsgebouw verzekerd is. Hier vind je de belangrijkste aandachtspunten bij het plaatsen van zonnepanelen op je bedrijfspand.
  1. Controleer of je een omgevingsvergunning nodig hebt voor het plaatsen van zonnepanelen.
  2. Kies een gecertificeerde leverancier. Ook bij zonnepanelen kan goedkoop uitmonden in duurkoop.
  3. Bereken de draagkracht van het dak, inclusief de zonnepanelen, ophangconstructie en ballast.
  4. Check het materiaal van het dak. Verwijder eventueel asbest.
  5. Gebruik onbrandbare dakisolatie.
  6. Kies voor (brandveilige) glas-glas zonnepanelen.
  7. Houd bij de ligging van de zonnepanelen rekening met brandgevaar en stormrisico.
  8. Noteer de serienummers van de zonnepanelen en bevestig ze met anti-diefstalbouten.
  9. Bevestig kabels aan de zonnepanelen of leg ze in een kabelgoot. Gebruik kabelbeschermers voordat je de kabels doortrekt.
  10. Kies voor een installatie met power optimizers en zet de ingebouwde vlamboogdetectie aan.
  11. Plaats omvormers bij voorkeur buiten, in een stofloze omgeving op een onbrandbare ondergrond. Is buiten geen optie? Plaats dan rookmelders boven de omvormers.
  12. Gebruik connectoren van hetzelfde type en fabricaat. Volg de voorschriften van de leverancier.
  13. Schakel voor de eindoplevering een ander bedrijf in dan het installatiebureau.
  14. Laat de zonnestroominstallatie na oplevering keuren volgens NEN 1010:2015 en NEN-EN-IEC 62446. Herhaal deze keuring iedere 3 jaar en laat gebreken herstellen.
  15. Maak de zonnepanelen regelmatig schoon. Zo voorkom je dat ze alsnog een risico vormen.
Bij de meeste verzekeraars zijn zonnepanelen op een bedrijfspand verzekerd via een gebouwenverzekering of zakelijke opstalverzekering. Heb je een Gebouwenverzekering bij Allianz? Dan zijn de zonnepanelen op het bedrijfsdak standaard meeverzekerd voor de risico’s waartegen ook het gebouw verzekerd is. Mogelijk moet wel het verzekerd bedrag aangepast worden. Overleg dus altijd vooraf met je financieel adviseur